Skip navigation

Tag Archives: verjaardag

Janna is jarig vandaag, hoera! Het is het jaar van de mooie getallen, ik 40, zij 15.

De uitgerekende datum was mijn verjaardag. Spannend! Maar het spande zeer inderdaad, alles zat potdicht, en het kind was niet van plan er snel uit te komen. Er kwamen na een paar dagen regelmatig telefoontjes, zo van “hela, zijde gij nu nog nie bevallen?”. Of opmerkingen bij de kruidenier of de slager, zo van “loopte gij hier nu nog?” Jaja. Gelukkig was ik graag zwanger, en had ik nauwelijks last van kwaaltjes. Het lastigste vond ik dat ik zelf nauwelijks nog mijn veters dichtkreeg, met die giga-buik.

Maar zo’n dag of 9 na de uitgerekende datum begon het toch te rommelen in die buik. Zou ze? Na een tijdje kwamen de weeën vrij regelmatig, ja dus, ze zou. Thuis hield ik het niet meer uit, en ik werd helemaal ongemakkelijk van het idee om in een weeënstorm in de auto te moeten zitten, dus hup naar de kliniek. Rond 22u was ik daar geïnstalleerd in de arbeidskamer.

Waar men me natuurlijk meedeelde dat het nog wel even zou duren. Na een paar uur werd echtgenoot zelfs naar huis gestuurd, ga thuis nog maar wat slapen meneer, het zal niet voor direct zijn. En eigenlijk was ik opgelucht, want ik kreeg de zenuwen van zijn gewroet in die zetel met similileer, dat kraakte en piepte langs alle kanten.

Tegen een uur of 6 begon het zwaar te worden, tegen 7u was echtgenoot terug. Ik had me voorgenomen om zonder verdoving te bevallen, dus moest ik doorbijten. Maar het werd zo stilaan onhoudbaar, ik wist niet meer hoe ik me moest houden van de pijn. Tegen half 8 heb ik toch om een epidurale gevraagd maar… toen was het te laat. Ik had al 8 cm ontsluiting, het zou wel snel gaan. Ik kreeg een middeltje toegediend dat de ergste pieken zou wegnemen, maar daar heb ik heel weinig van gemerkt. Vanuit mijn bed zag ik de zon opkomen, een prachtige hemel boven Gent, dat herinner ik me nu nog.

Dat ‘snel gaan’ was ook relatief, het duurde nog een kleine twee uur voor ik volledige ontsluiting had. Half van de wereld was ik zo, toen ik naar de verloskamer gerold werd. Eerder was me al verteld dat Janna een ‘sterrenkijkertje’ was. Wat wil zeggen dat ze niet in de ideale positie lag: wel met het hoofdje naar beneden, maar niet met haar ruggengraat tegen mijn ruggengraat aan. Met haar gezichtje naar boven dus, kijkend naar de sterren als ze ter wereld kwam. En dat ze niet in ideale positie lag, dat zullen we geweten hebben. Ik heb geperst en geperst, maar het ging nauwelijks vooruit. Na een uur begon haar hartslag weg te zakken (gelukkig dat ik half van de wereld was, de stress daarrond heb ik niet bewust beleefd), en werd er besloten haar met de vacuümpomp sneller te laten komen. Vanaf dan ging het heel snel, knip knip, pomp op haar hoofdje, en floep (nah ja) ze was eruit, om half elf ’s morgens. Een heel alert meiske, zo mooi, met de nodige vingertjes en teentjes, dat geen hinder ondervonden had van de trage laatste fase van de bevalling en de vacuümpomp (behalve een tjsoepke op haar hoofd dat een dag later alweer verdwenen was).

Uiteindelijk is de bevalling zwaarder gebleken voor de mama dan voor het kindje. De draadjes van de knip zijn te vroeg verwijderd, waardoor de wonde terug opengegaan is, en als gevolg daarvan heel traag genezen. Ik heb nog wekenlang pijn gehad. In het ziekenhuis stond ik voor mijn bed te draaien en te keren, ik wist begot niet hoe ik erin kon geraken zonder te vergaan van de zeer. Tot een week of zes na de bevalling heb ik overal een kussentje meegesleept, op een gewone stoel zitten, ging niet.

En het baby’tje? Daar had ik de handen vol mee. ‘A zo ne kwik, daar gade nog wa mee tegenkomen’, zei één van de vroedvrouwen. En gelijk had ze. Nog voor ze een week oud was kon ze haar hoofdje opheffen als ze op haar buik lag. Je moest ze goed vasthouden, want ze had een soort kikkersprong waarmee ze weg was als je niet bij de pinken was, gevaarlijk madam! Er was leven in huis gegarandeerd vanaf dan!

Advertenties

Afgelopen week was Milan jarig. 13 jaar werd hij, mijn manneke wordt groot. Letterlijk ook, hij groeit mij zo stilletjes aan boven het hoofd, de groeispurt is ingezet! Het was een leuke dag voor hem denk ik: het
zwemmen met school waar hij zo tegenop zag, viel toch mee. Het oudercontact ’s avonds was één loftuiting aan zijn adres, hij kreeg veel kaartjes, een cadeaubon van ons, zijn lievelingseten, én brownies.
Oja, hij nam nog een cake mee naar school, en iedereen vond hem superlekker!

Ikzelf heb die dag rond het uur van zijn geboorte heel veel teruggedacht aan dertien jaar geleden, en het verhaal van de bevalling gedaan aan een collega. En ik vind dat wel fijn, terugdenken aan die dag.

Die dag was een maandag, maar de bevalling zelf begon al veel vroeger. Misschien eerst nog hier beginnen: Milan was een week eerder uitgerekend. Toen ik op de uitgerekende dag op controle ging bij de gynaecoloog, lag de gezelligaard dwars. Letterlijk dus. Ik voelde het ook: langs de ene kant van mijn buik voelde ik de bolling van zijn hoofdje, langs de andere kant zijn voetjes. Als hij zo zou blijven liggen, zou het een keizersnede worden.

Maar, een paar dagen later, toen ik ’s avonds in de zetel lag, voelde ik plots héél veel beweging. Het ventje begon zich te draaien. Compleet niet goed en misselijk was ik ervan, een voldragen baby die zich draait in je buik, dat voelt écht niet lekker aan. Maar tevreden was ik wel, want dat wilde zeggen dat ik op natuurlijke wijze kon bevallen.

Op zaterdag dan ging de deurbel. Vrienden, zonder voorafgaande verwittiging op kraambezoek. “Hoe, loop jij hier nog? Wij dachten dat je wel al bevallen zou zijn!!” Ja hallo. Niet iedereen bevalt te vroeg of
op tijd, zoals zij. OK, met mijn meer dan hoogzwangere buik en mijn 18 kilo extra nog een ganse namiddag en avond rondgezooid, eten gemaakt, vrienden geëntertaind… pompaf was ik daarna.

Gevolg: zondagochtend rond 5u werd ik wakker, lichte weeën. Opgestaan en in mijn rusteloosheid de strijk weggewerkt die er nog stond. Tegen 7u vaderlief wakker gemaakt: “vandaag word je nog eens papa”.

En dan. Een hele dag in huis ronddolen. Met een ongedurige vader en kind erbij. Nu eens om de 20 minuten weeën, dan om de 10 minuten, dan weer om het half uur. Ellendige dag. ’s Avonds Janna toch voor de zekerheid naar mijn ouders gebracht. In bad. In bed. Pffff.

Stilletjes aan begon het dan toch vooruit te gaan, en tegen half vier ’s nachts waren we in de materniteit. Daar nog even laten checken of baby echt wel in de goede positie lag, geen probleem, oef! Ze waren echter niet bereid de arts op te roepen, dus moest ik nog maar zo verder doen.

Wee wee puf puf wee wee puf puf. “Waarom heb ik dit in godsnaam nog een tweede keer gewild”, was een wanhopige gedachte. Rond half acht was de gynaecoloog daar, water gebroken, en toen ging het pas echt vooruit.

Ik had trouwens een vroedman, een droom van een kerel. Zalig. Met vroedvrouwen heb ik soms het gevoel dat die denken dat ze het allemaal wel weten, dat ze het zelf ook doorgemaakt hebben, dat zoveel vrouwen het doormaken, het is zo erg niet, hou je sterk mens, zeur niet… Bij die vroedman voelde ik empathie, begrip, steun. Op de zwaarste momenten kon ik de aanwezigheid van mijn echtgenoot nauwelijks verdragen, laat me met rust, blijf van me af, echt heel humeurig. Maar de rugmassage van de vroedman kon ik wel verdragen. Wat mijn echtgenoot me nog jaren doorgestoken heeft… maar goed, ik vind dat een bevallende vrouw zich echt wel wat kuren kan veroorloven, en bij de touch van een
professioneel voel je toch dat verschil, meer is daar niet achter te zoeken, toch?

In ieder geval, om half acht werd mijn water gebroken, en goed anderhalf uur later kon ik naar de bevallingskamer, waar Milan om 9u30 geboren werd. Een heel mooi kereltje, nou ja, kereltje, hij woog 4 kilo. Ik had voor hem de kleertjes mee die ook Janna als eerste kleertjes gedragen had, maar “euh madam, dat zal niet gaan hoor, die zijn veel te klein”. Oeps!

Met mijn nieuwe, lieve, hongerige kereltje terug naar de arbeidskamer, “oei madam ge moet rustig blijven liggen want ge verliest nogal veel bloed”, dus flink rustig blijven liggen en naar dat kleine, nieuwe wereldburgertje kijken. Naar mijn eigen kamer, en geprobeerd heel veel te rusten, want het afgelopen weekend en de bevalling hadden me behoorlijk afgemat.

Over een kleine maand volgt het verhaal van Janna.

Het is Bruno’s verjaardag vandaag, las ik zowaar! Gelukkige verjaardag Bruno!

Ik wilde hier al eerder eens over Bruno schrijven, maar ik wist (en weet nog steeds) niet goed hoe eraan te beginnen. Zonder klef over te komen. Maar goed. Ik probeer.

Als ik Bruno’s weblog lees, voel ik me soms heel nietig. Als ik hier ga teruglezen, over ons leven en onze probleempjes, voelen die ook soms heel nietig aan. Zelfs als ik rekening houd met mijn censuurregel, en ik zelden over onze grotere problemen schrijf. Bruno’s oudste zoon, een jongen van 12 die op de school zit waar mijn kinderen zaten en Nic’s kinderen nu zitten, heeft botkanker. Dat te lezen, sloeg me in het gezicht. Wat het voor Inigo zelf, voor zijn mama, papa, broertje en familie moet zijn, kan ik me nauwelijks inbeelden. Ik lees bij Bruno wat voor een inpact de ziekte heeft op hun leven, op hun geestelijke gesteldheid, ik lees Bruno’s woede en pijn… en ik kan alleen maar onbegrip voelen. Onbegrip zijnde: er is geen god. Er is geen god die zoiets doet. Er is geen hogere macht. Het heeft geen zin. Wat is de zin van kanker? Wat is de zin van zo’n jong kind met kanker? Waarom moet dat ventje al die miserie, al die pijn, al die ellende doormaken? Ik zie er nul, nada, niks, noppes nut van in.

En ik hoop zo heel erg dat Inigo zal genezen. Ik was heel blij te lezen dat er toch al een positieve wending is. Ik hoop op meer.

Dus Bruno, als je dit leest: ik hoop dat je kan genieten van je verjaardag, dat het een fijne dag is (of was), en dat je kan genieten van elk mooi moment dat je gegeven wordt. Het is je heel erg gegund.

Er is er weer eentje jarig vandaag. 14 jaar geleden was ik aan het bevallen (8u45 is het nu), een kleine twee uur later was ze daar, Janna. Moeilijke bevalling, mooi baby’tje. Heftig baby’tje ook. “Daar ga je nog wat mee meemaken”, zei een verpleegster, en gelijk kreeg ze. Felle meid, die haar hoofdje meteen kon opheffen, die een ‘kikkersprong’ had als je ze op je buik droeg, zodat je ze altijd stevig moest vasthouden. 14 jaar geleden, het lijkt zo lang geleden, en ook zo kort. 14 jaar geleden zag ik de zon opgaan vanuit de arbeidskamer in het Sint-Vincentius, 3 november was een heel mooie dag. En zo zal die dag altijd blijven, in mijn herinneringen.

Nog een jaartje tijd om depressief te worden, om te besluiten of ik al dan niet midlife ga crisisen (of is dat enkel voor mannen?), om te overdenken of ik al dan niet moet overdenken of ik wel al wat gemaakt heb van mijn leven… vandaag is mijn 39ste verjaardag. Nog even op de trolleybus, voor ik met tram 4 verder moet. Al wie hier in stilte meeleest, mag vandaag (of morgen of overmorgen of daarna) gerust eens de stilte doorbreken om me een gelukkige verjaardag te wensen 😉

Ook mijn kleinste wordt groot: 12 is hij geworden vandaag. 12 jaar geleden lagen we samen in het Sint-Vincentius. Een ferme brok van een baby, meteen te vinden voor drinken, een lief snoetje, een mooi borelingske. Nu probeert hij in lengte zus en mij naar de kroon te steken (maar hij zal toch nog even moeten wachten voor het zover is), is hij zot van alles wat lekker is, heeft hij nog steeds een lief snoetje. En is hij een puber in wording. Morgen gaan we zijn kersverse elektronische identiteitskaart ophalen op het gemeentehuis.