Skip navigation

Category Archives: wijvenweek

De wijvenweek was leuk. In zoverre zelfs, dat ik weer inspiratie heb om te gaan schrijven. Er staan al wat berichten annex ideeën klaar in de concepten.

Bedankt, wijvenweek. Bedankt, wijvenblogs. Bedankt, i., lilith en Michel. I owe you one.

In de loop van de week dacht ik: ik doe niet aan inhaaldag, ik doe aan conclusies. Maar toen bleek opeens dat ik toch aan inhaaldag zou moeten doen. De conclusies wil ik u echter niet onthouden, dus een extra wijvenweek berichtje.

  • Beautyqueen in het diepst van mijn gedachten – hippe wijven dragen corrigerende hemdjes van de Hema. Ik wil dat ook.
  • Guilty pleasures en kleine kantjes – mijn blogposts zetten andere wijven aan tot actie. Zijn ze toch nog ergens goed voor.
  • Moh, kijkt nu. We zitten hier met een mening – er zijn ook dagen dat meningen er niet toe doen. Hoe belangrijk ze ook zijn.
  • Dromendag – wijven dromen. Veel. Over vanalles. Hopelijk worden sommige van die dromen ook werkelijkheid.
  • Zelfscensuur – wijven hebben zo hun dingen waar ze niet over bloggen, en ook door de wijvenweek laten de meesten zich niet ompraten om daar wél over te bloggen.
  • Het multitaskende superwijf – er zijn veel wijven die veel te perfectionistisch zijn. Alles moet goed: het werk moet altijd en overal in orde zijn, de kinderen moeten er altijd tiptop uitzien en zich netjes en flink gedragen, het huis moet er altijd gelekt bijliggen, ze moeten er zelf even tiptop uitzien als de kindjes… laat het uit, wijven, wat minder mag ook. Geniet wat meer van het leven, van niets doen, van boeken lezen, gazetten lezen, tijdschriften lezen, TV kijken, uitgaan, whatever. Maar laat je niet zo opjagen door de maatschappij, je peergroup, je familie, je vrienden, je kinderen. Geniet van het leven. Je hebt er maar één, en het kan snel voorbij zijn. Ik heb het ook tegen mezelf, ja. En dit ruikt ook een beetje naar een mening, toch?

Kijk, we zitten hier met een inhaaldag. Een inhaaldag voor een mening. Laten we eens een mening ventileren. Een mening over een onderwerp waar ik zelf niets meer mee te maken heb, want ik wil geen kinderen meer (ik heb er al genoeg, en ik ben te oud, en ik wil ’s nachts niet meer uit mijn bed, en ik wil niet weer naar de kleuterschool). Maar het is wel een wijven-thema. En een thema waar ik al heel lang achtersta.

Het bevallingsverlof in België is te kort. 15 weken, waarvan 1 week verplicht te nemen voor de uitgerekende bevallingsdatum (en je dus nog langer voor de uiteindelijke geboorte kan thuiszitten, en korter na de geboorte, als dat kleintje nog geen goesting heeft om de wereld te aanschouwen), dat is veel te kort. Voor de meeste vrouwen toch. Er zijn er, ja, die 3 maanden thuis zitten te lang vinden, en liever zo snel mogelijk ‘weer onder de echte mensen’ komen. Respect daarvoor. Maar er zijn er ook zoveel die op voorhand 3 maanden een zee van tijd vinden, om dan uiteindelijk die 3 maanden te zien voorbijvliegen, en er na de schamele 3 maanden absoluut niet klaar voor zijn hun kind uit handen te geven. Er is nog borstvoedingsverlof, ja, maar dan moet je wel borstvoeding geven hè.

Zelf ben ik, toen mijn dochter geboren is, gestopt met werken als bediende, en ben ik thuis als zelfstandige beginnen werken. Omdat ik het absoluut niet zag zitten dat kleine hummeltje over te dragen aan een ander. Dat was de voornaamste reden. Ook omdat mijn exgenoot weinig thuis was, en ik wist dat ik voor alles alleen zou opdraaien… ook dat zag ik niet zitten. Ik heb me mijn beslissing nooit beklaagd, heb heel tevreden mijn kinderen zelf thuis ogpevoed terwijl ik er ook in slaagde te werken en iets te verdienen. Ik had het niet anders willen doen.

Maar, in andere landen kan het wel, dat mensen langer kunnen thuisblijven na de geboorte van hun kind. Ik kan niet wachten tot Europa vindt dat het overal gelijk moet, en dan liefst naar het Scandinavische model, dankuwel!

Er is veel waarover ik zou kunnen stoefen.

Over mijn kinderen, waar ik zo trots op ben, want ze doen het goed.

Over mijn ventje, waar ik zo content mee ben, want het is een lieverdje en een zoetje en ik heb veel aan hem en ik zie hem graag.

Maar ik ga stoefen over mezelf. Over wat ik de afgelopen tijd verwezenlijkte op het werk, want daar ben ik trots op en ik mag daarover stoefen. Over het nieuwe boekhoudprogramma dat halverwege vorig jaar geïmplementeerd werd. Het eerste halve jaar werd opnieuw ingebracht, en daarna werd er naarstig gewerkt, werd er geleerd en uitgeprobeerd. En het is gelukt, volgende week de laatste loodjes van het boekjaar 2011, en de jaarrekening zal 3 maanden vroeger dan de vorige jaren gepresenteerd kunnen worden. Ik ben trots! Op mezelf. Dat terwijl ik geeneens een diploma boekhouden heb, en ik daarnaast nog een hoop andere dingen doe ook. Het multitaskende superwijf ja, met daarnaast nog een XL huishouden te runnen ook. Naar het schijnt durf ik het allemaal wel eens te onderschatten, moet ik trotser zijn op mezelf, is het allemaal niet zo evident als ik het wil laten geloven.

(maar ik schat dat ik er volgende week, of de week erna – maar dan mag het niet want dan is er cursus – wel eens zal uitliggen met een migraine aanval, makkelijk te voorspellen na een stresserende periode)

Dingen waarover ik niet blog. Zelfcensuur. In de suggesties van de wijven van de wijvenweek wordt het allemaal nogal licht en luchtig gehouden, maar ik ga het zelf maar eens wat heavier houden.

Kijk, het zit zo. Vroeger schreef ik wel wat persoonlijker spul op mijn blog. Over de kinderen en zo, en over mezelf. Over muziek ook, veel over muziek. Toen werd mijn zus ziek. Toen begon het allemaal wat stroever te verlopen. Mijn zus werd ziek, en ik wist niet wat ik moest/kon/mocht schrijven. Moest ik daarover schrijven? Ik wist het niet. Mijn zus haar toestand ging wat omhoog en omlaag en omhoog en omlaag, of toch de hoop in verband met mijn zus haar toestand. Maar uiteindelijk is alles zo ongelooflijk snel gegaan, goed een half jaar nadat ze ziek werd, was ze er niet meer.

En toen ging het helemaal niet meer. Ik ken genoeg mensen die vrij gemakkelijk over dit soort dingen kunnen schrijven. Ik vind het mooi, en moedig. En ook “fijn” om te lezen (let op de aanhalingstekens), ook omdat ik er troost uit kan halen, of kan vergelijken. Maar ik kan het zelf heel moeilijk. De voornaamste reden is dat ik weet dat hier nogal wat familieleden meelezen, en dat ik, door erover te schrijven, steeds weer wonden open rijt. En neen, niet heel mijn leven heeft met mijn zus te maken, maar het was wel zo dat in de maanden na haar overlijden, de maanden, het jaar, het jaar daarna, nu,  er voor mij toch veel rond draaide. Al was het maar in mijn hoofd. En dus schreef ik daar niet over. En ook steeds minder over dingen die me na aan het hart lagen. En dan schreef ik gewoon steeds minder. Met periodes over het weekmenu, soms ligt dat een tijd stil, soms doe ik daar weer een tijdje aan.

Het lijstje onderwerpen waarover ik niet blog, wordt ook steeds uitgebreider. Niet of nauwelijks over het werk, dat hoort hier niet. Weinig over de kinderen ook, ze worden steeds groter, en ze hebben daar steeds minder behoefte aan dat hun (stief)moeder over hen schrijft. Over onze exen en alle tribulaties die we meemaken met hen al helemaal niet. Dat hoeft niet iedereen te weten. Soms denk ik ook dat ik een saai leven heb. Niet veel om over te schrijven. Soms lijkt het niet meer dan slapen, huishouden, werk, huishouden, slapen. Ook niet veel tijd om de dingen goed te overdenken en iets coherents te schrijven over meer diepgaande onderwerpen.

Ik denk er wel regelmatig over na. Als het hier weer eens lang stil is. Als ik bij anderen lees. Dan bekruipt me wel eens de behoefte. Maar ik weet het niet. U wel?

Een materiële droom.

Als klein wijfje droomde ik dat er achter de garage voor mij een veranda zou gebouwd worden. Waar ik mijn poppen en hun meubeltjes dan fijn zou kunnen zetten. En waar ik zou kunnen spelen. Ik maakte er heelder plannen van, met tekeningen en al.

Als groot wijf heb ik nog steeds een gelijkaardige droom. Alleen wat uitgebreider. Dat we met de lotto winnen (dat we niet met de lotto spelen, is een klein detail dat we graag even over het hoofd zien). En dat we een huis kopen. Een mooi, groot huis. Een echt herenhuis, hier in de buurt, met een prachtige gevel. Met een souterrain, waar een grote garage is voor de auto en waar al onze fietsen kunnen binnenstaan. Met daarachter een utility room voor de diepvriezer en wasmachine en toestanden, en een server room. Op het gelijkvloers een woonkamer en keuken, alles mooi ruim en licht, met een terras en een trap naar de tuin. De eerste verdieping is onze verdieping, met een master bedroom, een badkamer en een dressing. Tweede verdiep is voor de meisjes, elk hun kamer en een gedeelde badkamer. Daarboven dezelfde indeling, voor de jongens. En dan nog een zolder. Met stevige vloeren zodat het niet kraakt langs alle kanten als je erover loopt. Maar wel een plankenvloer, dat wel uiteraard.

Een droom waar ik me helemaal kan in verliezen. Niet dat ik niet graag in ons huis woon. Fantastisch huis, dat waar we in wonen. Maar toch, weetjewel…

Oh ja, een poetsvrouw of -man en een tuinvrouw of -man passen ook wel in die droom.

Ik ben niet goed in het schrijven van meningen. Zo’n lange, gefundeerde, complexe blogpost over een maatschappelijk relevant thema: kruipt me wat teveel tijd in. Ik héb meningen hoor, over van alles en nog wat, maar ze hier verkondigen, pffff.

Ik had een idee voor een meningske. Een beetje onnozel, een beetje grappig. Maar na het nieuws vanmorgen dat er 22 kinderen en 6 volwassenen verongelukt zijn in Zwitserland, heb ik daar opeens helemaal geen zin meer in. Zelfs een hoogdravende mening over een maatschappelijk relevant thema lijkt nu futiel. Naast dat immense, oneindig grote menselijke leed.

*insert triestige smiley en ~diepe zucht~ x heel veel*

Kleine kantjes genoeg hoor, alhier. Maar dit is er eentje waar een mooie term voor bestaat in het Engels: procrastination. Procrastination is my middle name. Uitstelgedrag. Velen onder u bekend, daar ben ik zeker van.

Kapster bellen? OK, zal ik eens doen. En dan denk ik daar op alle mogelijke verkeerde momenten aan. Als ik in bad zit. Als ik in bed lig. Als ik op de fiets zit. Op maandag, want dan werkt ze niet. Ik zal het wel eens doen. Meestal duurt het zo’n 2 à 4 weken tot ik ertoe kom. En ondertussen heb ik wel een stel zagers en klagers aan mijn been. Maar ja.Dat helpt toch niet echt.

Betalingen? Mmm ja, zal ik woensdag doen. Pffff ik heb geen zin om te zien hoeveel er op de rekening staat.

Eigenlijk, serieus, is het toch al wat beter dan vroeger. Ik stel ietsje minder uit. Maar daar staat tegenover dat ik veel meer vergeet. Mja. En ondertussen ben ik getrouwd met nog zo’n procratinator. We kunnen er wat van, samen.

Een gebrek aan geduld is nog zo’n klein kantje. Maar daar ga ik het nu niet over hebben. Alleen dat het erger wordt met ouder worden, en dat valt me vies tegen, want ik had gedacht dat met de leeftijd ook het zen-gehalte in mij zou stijgen. Niet dus. Zeer jammer.

Kribbigheid, nog een klein kantje. Dat soms wel groot is. Kribbigheid, snibbigheid, pinnigheid, you name it. Want pas op, als mijn zenuwen werken, dan ben ik nogal goed van de tongriem gesneden. Vroeger had ik het nog veel erger dan nu. Als ik aan het PMS’en was, was het niet normaal. Ik kon toen dingen zeggen, en terwijl ik ze zei, wist ik: ge zegt dat beter niet Oosterlinck, zwijgt nu nekeer. Maar toch lag het eruit. Bweurk. Maar ik kan het nog altijd hoor. Ambetant lopen en dan een ander den duvel aandoen met sarcastische opmerkingen. Met pinnige opmerkingen. Tssss.

Dat een bloedhekel heb aan sommige zingende wijven, ik twijfel of dat een klein kantje is dan wel een guilty pleasure. Want je kan er mensen zo fijn mee op de kast jagen, en dan is het een guilty pleasure, toch?

En nu moet ik aanzetten naar het werk, want het is hoog tijd en ik ben dat ook weer aan het uitstellen! Aaaargh!

 

Ps: zingende wijven, ZINGENDE wijven! Het moest weer rap gaan, want ik ben nog rap van onderwerp veranderd, er stond hier al 2 dagen een ander berichtje klaar, maar 10 minuten voor ik naar het werk moet, besluit ik nog van gedacht te veranderen, moet het rap gaan, rap gaan, en vergeet ik een woord. ZINGENDE wijven dus.

Ben ik een beautyqueen in het diepst van mijn gedachten? Neen. Ik ben zelfs geen wijf in het diepst van mijn gedachten. Want een aantal wijvendingen zijn mij vreemd, zoals daar zijn: nagellak, lippenstift, brushen of stylen… Neen, niks voor mij, op mijn blog hier is ook geen categorie “beauty” trouwens.

Des ochtends besteed ik niet veel tijd in de badkamer. Om een bad te nemen, dat wel ja, en om mijn vege lijf van hals tot teen in te smeren met bodymilk, dat ook ja. Maar alleen (en ik vind het serieuze corvee) omdat ik anders verga van de jeuk. Ik krab me te pletter. Tot bloedens toe. Alleen mits een dagelijkse lik bodymilk is dat te vermijden. Kon ik mijn hoofdhuid insmeren, ik deed het ook. Maar dat gaat nu eenmaal niet, en daar moet ik de jeuk dus wel verdragen. En het gevoel, als ik mijn haar pas gewassen heb, dat mijn vel een beetje te klein is voor mijn hoofd. Maar wacht, hierover ging dit allemaal niet zekerst? Beautyqueen! Ik doe er dus niet erg aan. Een klein beetje make-up, en dat is het. Het departement cosmetica verdient dus niet veel aan mij.

Het departement haarproducten? Ook al niet eigenlijk. Om de 2 à 3 maanden (afhankelijk van hoe hard de kinderen zeuren dat hun haar te lang wordt) komt de kapster aan huis, en daar zijn we heel tevreden van. Goedkoop, we moeten de deur niet uit, gemakkelijk toch? En mijn haar kleur ik wel zelf. Wat de laatste tijd nog gemakkelijker wordt, gezien ik aan dochterlief kan vragen om kleurmiddel mee te brengen als ze eens in de buurt van het Kruidvat is.

Het departement geurtjes? Tja, ik heb migraine. Van sommige geuren krijg ik instant-koppijn, die dan overgaat in migraine. Dus parfums gebruik ik zelden (en de meisjes in huis moeten ook opletten met wat ze gebruiken), eau de toilette alleen als het fruitige geurtjes zijn. De framboos eau de toilette van Yves Rocher hmmm… maar hun bosbes (denk ik) eau de toilette die is nog beter, die ruikt gewoon naar zomer in het zuiden van Frankrijk. Echt waar.

Het departement kledij, soms, met vlagen. Ik heb momenteel een zwakje voor de mooie jurkjes en rokjes van BAT, maar daar legde ik mezelf dan weer een embargo op voor een paar maanden. Eens zien hoe lang ik dat volhoud (toch al meer dan 2 maanden ondertussen, ah ja, flink, of wat?). En het kriebelt een beetje om nog een vestje en een paar leggings, maar de financies laten het niet echt toe. Tss. Maar mens, dat kriebelt.

Ik hou er wel van af en toe eens van stijl te veranderen. Soms bewust (zoals na mijn scheiding, het was een beetje zoals het afwerpen van een oude huid), soms onbewust. En zo ben ik de afgelopen jaren veranderd van een onverbiddelijke broekenmadam naar een madam die vaak rokjes en kleedjes draagt. En daar voel ik me best lekker bij.

Volgende week is het wijvenweek, en ik begin een beetje te panikeren. 6 thema’s, en er is er nog maar eentje waarbij ik weet wat ik zal schrijven. Al de rest: niks, noppes, nada. Het zwarte gat. Writer’s block. Koud zweet.